verkeer

Otter toont zich weer

De otter werd in 2011 in Vlaanderen officieel als uitgestorven verklaard. De reden was dat er al jarenlang geen meldingen meer waren binnengekomen. Een laatste oproep door de Zoogdierenwerkgroep om de aanwezigheid van otters te melden leverde niets op. Het lijkt alsof de otter zich bij deze verklaring niet neerlegt. Sinds de zaligverklaring hebben zich op verschillende plaatsen otters aangemeld. Zopas vervoegde een verkeerslachtoffer uit het Antwerpse het lijstje.

Een opmerkzaam chauffeur vond vorige week op de E313 - richting Antwerpen - even voor de parking van Ranst een hoop pels die verdacht veel op een otter leek. Hij hield halt en schraapte voorzichtig het platgereden dier van de pechstrook. Het mat van kop tot staart 120 cm. Het kadaver werd vervolgens overgebracht naar het Vogelopvangcentrum van Brasschaat. Van daaruit ging het via het marternetwerk - dat instaat voor de inzameling van doodgevonden roofdieren - naar het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO). Daar zal van het onfortuinlijke dier een DNA-staal worden genomen voor genetisch onderzoek. Het staal zal vergeleken worden met informatie van andere vondsten, waaronder het DNA van een recent gevonden otterverkeersslachtoffer net over de grens in het Nederlandse Asten. Mogelijk wijst dit op enige verwantschap. Ook de vraag of het misschien gaat om hetzelfde dier dat enkele maanden terug in Willebroek werd gefilmd, blijft alsnog onbeantwoord. Er wordt gehoopt dat dit niet het geval is, want hierdoor zou abrupt een einde kunnen komen aan de heropleving van de otter in Vlaanderen.

De Zoogdierenwerkgroep wijst met dit voorval nog eens op de noodzaak om snel werk te maken van oversteekvoorzieningen voor zoogdieren onder en over drukke wegen. Het aanbrengen van droge looprichels langsheen wateronderdoorgangen is zo'n efficiƫnte maatregel. Otters zijn weliswaar uitgesproken waterdieren, maar verkiezen toch een weg over te steken wanneer er geen droge oeverstrook onder de weg doorloopt. Ook moet verder werk worden gemaakt van een verbetering van de water- en structuurkwaliteit van onze waterlopen en een natuurlijke inrichting van onze watergebieden. De aanleg en het onderhoud van zogenaamde "micro-reservaten" langsheen onze waterlopen vormt hiervan een onderdeel. Voor de E313 is reeds jaren geleden een studie over de ontsnippering van deze autosnelweg gemaakt. Daarbij kwam ook de otter in beeld. Sindsdien is met de aanbevelingen niets gebeurd. Tijd om het rapport van onder het stof te halen.

Dieren onder de wielen

Gespreid over twee studiedagen werden de resultaten van een vierjarig onderzoek naar verkeerslachtoffers bij dieren voorgesteld. Het aandeel van de zoogdieren in de slachtofferstatistiek is opvallend. Niet minder dan zes zoogdiersoorten bezetten de top tien. De egel staat als weleer hoog genoteerd.

Met het project 'Dieren onder de wielen' hebben de Vlaamse overheid, Natuurpunt en Vogelbescherming Vlaanderen gedurende vier jaar met de hulp
van 2.024 vrijwilligers alle dode dieren langsheen de Vlaamse wegen in kaart gebracht. Het doel van het project was na te gaan hoeveel faunaslachtoffers er op onze wegen vallen, welke soorten verkeersgevoelig zijn en waar in het Vlaamse wegennet de belangrijkste knelpunten liggen.

In de periode 1995-1996 werd door Vogelbescherming Vlaanderen al eens eerder onderzoek verrricht naar het aantal verkeerslachtoffers op de Vlaamse wegen. De resultaten van het nieuwe onderzoek wijken in wezen weinig af van het vorige onderzoek, maar er zijn toch wel enkele opvallende verschillen. In de eerste studie waren de amfibieĆ«n en reptielen ondervertegenwoordigd. Met de gewone pad aan de kop van de lijst en de bruine kikker op plaats vijf is dit nu veranderd. De eerste plaats werd destijds ingenomen door de merel, gevolgd door de egel, het konijn en de huismus. De huismus is nu opvallend afwezig in de top tien en dit zowel in de algemene top tien als in die voor de vogels. Ook de daling van het konijn staat hoogstwaarschijnlijk in verband met de sterke achteruitgang van de populatie bij het begin van de jaren 1990. Het valt eveneens op dat bunzing van een tiende plaats naar een zevende plaats opklimt, ondanks het vermoeden dat de soort achteruitgaat. Ook de vos en de steenmarter, twee soorten waarvan de populaties zich in de laatste decennia hebben hersteld, duiken nu op in de top tien van verkeersslachtoffers. Roofdieren blijken erg kwetsbaar in het verkeer; dit blijkt ook uit het groot aantal dassen dat jaarlijks wordt overreden.

De effecten van het verkeer op de fauna en de mogelijke oorzaken voor het groot aantal slachtoffers worden in een rapport uitgebreid besproken. Voor enkele aspecten blijft het evenwel nog koffiedik kijken. Het volledige eindrapport verschijnt pas over een maand. De samenvatting is evenwel nu reeds in brochurevorm beschikbaar en kan op onderstaande link digitaal worden opgehaald. Verkeerslachtoffers kunnen ook nog steeds worden aangemeld via waarnemingen.be. Meer informatie vind je op onze webpagina 'Verkeerslachtoffers'.

Brochure 'Dieren onder de wielen'.

X