Vleermuizen in huis

Een aantal vleermuissoorten, waaronder de veel voorkomende dwergvleermuis, verkiest woningen en andere gebouwen als verblijfplaats. Daar verstoppen ze zich in spouwen en dubbelwandige schoorstenen, onder dakbedekking of achter betimmering en daklijsten. Andere soorten zoeken grotere ruimten op zoals dakkapellen en zolders. Afhankelijk van de buitentemperatuur zoeken ze verschillende ruimten op en verhuizen ze tussen meerdere gebouwen. Vleermuizen zijn daarom slechts tijdelijk in een woning aanwezig.

Vleermuizen zijn ongevaarlijk

Niettegenstaande vleermuizen niemand kwaad doen, zorgen ze af en toe voor problemen waarvan je verlost wilt geraken. Voor elk probleem is er een oplossing maar dat vraagt begrip en geduld. Vergeet niet dat de vleermuis een beschermde diersoort is die je niet mag doden, verstoren of schade toebrengen. De bescherming geldt evenzeer voor alle verblijfplaatsen van vleermuizen. Sluit nooit de toegang tot een verblijfplaats af zolang je geen zekerheid hebt dat alle dieren weg zijn. Wanneer 's avonds de vleermuizen uitgevlogen zijn om op jacht te gaan, betekent dit nog niet dat er geen jongen zijn achtergebleven. Kijk daarom verschillende avonden na elkaar of er geen vleermuizen (meer) uit je huis vliegen. Doe dat bij voorkeur bij goed weer, want vleermuizen komen niet graag naar buiten met slecht weer. Als je drie dagen na mekaar geen dieren naar buiten ziet komen, maak je de invliegopening toe meteen na de laatste telling (’s avonds dus).

De meest voorkomende problemen zijn:

  • vleermuizen in huis: Soms kruipen vleermuizen door een smalle spleet of een klein gat door tot in de woonkamer. Vind je een vleermuis in de woonkamer neem ze dan met een handschoen aan voorzichtig op of zet er een potje over waaronder je vervolgens een dun karton schuift waarmee je het diertje in het potje schept. Volwassen dieren kunnen op een veilige plek (op een koele, donkere plek buiten het bereik van de kat) gewoon buiten worden gezet waarna de opening kan worden gedicht. Jonge (nog zogende) dieren worden zo mogelijk best teruggezet of naar een opvangcentrum gebracht.
  • geluidshinder: Vleermuizen maken behalve voor ons onhoorbare ultrasoongeluiden ook hoorbare piepgeluidjes. Je kan ze soms ook horen rondkruipen in hun verblijfplaats. Vooral dit laatste kan hinderlijk zijn, maar is doorgaans van tijdelijke aard en hoeft je niet meteen uit je slaap te houden. Je kan dit voorkomen door de ruimte voor vleermuizen ontoegankelijk te maken. Dat moet evenwel gebeuren in een periode dat de vleermuizen niet aanwezig zijn. Anders sluit je de dieren in en vererger je het probleem.
  • geurhinder: Dit is een zeldzaam verschijnsel en doet zich vooral bij grote kolonies voor. Doorgaans is de doorzaak een slecht verluchte ruimte waarin de dieren verblijven of het gevolg van een massale sterfte van dieren. Een goede verluchting van de ruimte biedt de enige oplossing.
  • uitwerpselen: Het gebeurt dat je bij de in- en uiitvliegopening van een verblijfplaats of bij een rustplek uitwerpselen vindt. Het meest vallen deze op wanner ze op de vensterbank of het terras terechtkomen. Verder kan je ook op zolder of in andere verblijfruimten van vleermuizen keutels aantreffen. De uitwerpselen zijn altijd droog en daardoor met borstel en vuilblik gemakkelijk op te ruimen. Na enige tijd verpulveren ze vanzelf. Je kan de uitwerpselen zo nodig opvangen door een plasticfolie onder de mestplek te leggen of door enkele centimeters onder de in-/uitgang van het verblijf een "mestplankje" te plaatsen. De uitwerpselen kan je als meststof gebruiken!

Meldpunt vleermuizen

Contacteer in geval van twijfel een vleermuisdeskundige. Voor problemen met vleermuizen kan je gratis terecht bij de Vlaamse infolijn 1700 of op de website van het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Staat de gezochte informatie niet op de ANB-website, dan kan u de celverantwoordelijke van het ANB contacteren via het vleermuizenmeldpunt.

Dit zou jouw probleem moeten oplossen. Mocht dat toch niet het geval zijn, dan kan je contact opnemen met de Vleermuizenwerkgroep van Natuurpunt of met een provinciaal verantwoordelijke van de werkgroep.

Meer weten

X