HOME
Contact
Links
Sitemap
Even voorstellen
Activiteiten
Activiteitenkalender
Soorten en projecten
Bever
Das
Eekhoorn
Eekhoornproject
Egel
Eikelmuisproject
Hamster
Hazelmuis
Marters
Mol
Otter
Ratten
Vos
Waterspitsmuis
Publicaties
Bescherming
Huisdieren
Verspreiding
Inventariseren
Materiaal
Waarnemingen
ZIE ZO ZOOGDIER
Dode/zieke dieren
Aanvragen verspreidingsinformatie
Zoog.flits
Giften
Lidmaatschap
T-shirt/sticker
Contact/bestuur
Adreswijziging
Lokaal/regionaal
Forum
Foto's
Krantenknipsels
Mops
Congressen
Vacatures
Zoogdierenwerkgroep Zoogdierenwerkgroep
Vaak krijgen we bij Natuurpunt vragen over ratten die overlast veroorzaken. Onder "ratten" worden enerzijds de bruine en zwarte rat verstaan, en anderzijds de muskusrat (wat eigenlijk geen rat is, maar een woelrat, afkomstig uit Noord-Amerika) en de beverrat (behorende tot de aparte familie van de beverratten, afkomstig uit Zuid-Amerika).

Problemen met muskusratten en beverratten spelen zich hoofdzakelijk af langs waterlopen, waar de dieren holen in de oevers maken. De overheid probeert beide uitheemse soorten uit te roeien. De laatste jaren lijkt ze daar goed in te slagen, want muskusratten en beverratten kom je niet vaak meer tegen in de vrije natuur. Als je toch nog ergens zo'n beestje tegenkomt, kan je contact opnemen met de rattenvanger van je gemeente, of voor de grotere waterlopen met de rattenvanger van VMM-afdeling Water. Wil je meer weten over beide soorten, dan kan je terecht op de website van het INBO voor de muskusrat en de beverrat of via e-mail bij Jan Stuyck.

De zwarte rat duikt ook meer en meer op, niet zozeer in de vrije natuur, want daar lijkt ze nog steeds vrij zeldzaam te zijn, maar wel op boerderijen en bedrijven waar ze voedsel en schuilplaatsen vindt. Mogelijk treedt in deze gesloten systemen resistentie tegen vergif op, waardoor de bestrijding bemoeilijkt wordt. Heb je last van deze beestjes, dan kan je ook weer contact opnemen met de rattenvanger van je gemeente. Ook de mensen van het INBO, die onderzoek doen naar resistentie in Vlaanderen, zijn geïnteresseerd in informatie over mogelijke resistentie bij zwarte ratten (contacteer hiervoor Kristof Baert of Jan Stuyck).

De bruine rat is het beestje waar we de meeste vragen over krijgen, waarschijnlijk omdat deze soort in nauw contact met de mens leeft: langs grachtjes in tuinen, in rommelige hoekjes, mesthopen, kippenhokken, schuurtjes, ... Vele mensen die last hebben van bruine ratten, denken eraan om een afschrikapparaatje te kopen dat de dieren wegjaagt door het maken van (ultrasone) geluiden. Over dergelijk afschrikmiddel hebben we echter nog niet veel goeds gehoord: ofwel werken ze niet of toch niet lang.

Als je met bruine ratten zit, is een betere oplossing om de oorzaak hiervan aan te pakken. De diertjes moeten ergens in de buurt voedsel en schuilplaatsen vinden, bv. kippenvoer of andere etensresten op de mesthoop, rommelige hoekjes, ... Als dergelijke dingen opgeruimd zijn, ga je veel minder last van bruine ratten hebben.

Moest dat niet lukken, is de beste optie spijtig genoeg om vergif te gebruiken, want bruine ratten zijn moeilijk te vangen. Ze hebben een afkeer van al wat nieuw is in hun omgeving, dus als je er een val plaatst zal het lang duren vooraleer ze er naartoe komen. Als er een dode rat in de val zit, gaan de resterende ratten ook het verband leggen tussen doodgaan en de val, en dan zal je zeker niet veel meer vangen... Als je toch wil proberen met mechanische vallen, moet je deze ook selectief opstellen om bijvangsten te vermijden.

Als vergif worden anticoagulantia (anti-bloedstollende middelen) gebruikt, waarbij het enkele dagen duurt vooraleer de ratten ervan sterven. In dat geval leggen ze dat verband niet meer en blijven de overige ratten nog wel van het vergif eten. Moest je genoodzaakt zijn om vergif te gebruiken, dan kan je best ook zo aanbieden dat grotere dieren er niet bij kunnen (door het bv. in een kistje te leggen met ingangsopening van 5-6 cm) om primaire intoxicatie van andere dieren te vermijden. Best is gifstoffen te gebruiken die snel afbreken waardoor kans kleiner is dat ze accumuleren in predators die de vergiftigde ratten opeten (secundaire intoxicatie). Vermijd dan zeker het gebruik van derde-generatie anticoagulantia (vnl. Brodifacoum, Difethialone): breken slecht af dus groot risico op primaire en secundaire intoxicatie, in tegenstelling tot tweede-generatie gifstoffen (vnl. Bromadiolone, Difenacoum) die al iets beter afbreken en eerste-generatie gifstoffen (vnl. Warfarine, Chlorofacinon, Difacinon, Coumatetralyl) die best afbreken (maar hierbij is de kans op resistentie wel veel groter, vooral als je in gesloten systemen zoals gebouwen werkt).

Met al je vragen over de bruine rat, kan je eveneens terecht bij het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (via e-mail bij Kristof Baert of Jan Stuyck). Hier doet men onderzoek naar de bestrijding ervan. Op basis van gegevens verkregen uit ecologisch onderzoek wordt de impact van bestrijdingsacties op de populatie geëvalueerd. Ook de technische aspecten van bestrijdingsmiddelen en hun toepassing in het veld neemt men mee onder de loep. Hierbij wordt niet alleen gestreefd naar een verbetering van de efficiëntie van de bestrijding, maar wordt bovendien aandacht besteed aan selectiviteit, veiligheid en diervriendelijkheid van de ingezette bestrijdingsmiddelen.

Wat de bestrijding van ratten in natuurgebieden betreft, werden er afspraken gemaakt tussen o.a. VMM-afdeling Water en Natuurpunt, waarbij beperkingen in materiaalgebruik en een sperperiode werden ingevoerd. Je kan hierover meer lezen op de website van het INBO.

Laatste aanpassing: 10-03-2008 11:05:11 Statistieken over de bezoekers van deze pagina