Vraatsporen van eekhoorn

Vraatplekken

In de lente, als veel sparren- en dennenappels zijn afgevallen en op de grond liggen, vind je onder bomen afgeknaagde kegels en schubben die op de aanwezigheid van eekhoorns wijzen. Ze liggen vaak op een hoopje op de grond of op de stronk van een boom. Wanneer een eekhoorn niet op de grond maar in een boom heeft zitten eten, liggen de kernen en schubben van de dennen- en sparrenappels meer verspreid rond de stam. Muizen eten ook graag dennen- en sparrenappels, maar die vind je zelden terug omdat ze de vruchten meenemen naar hun hol of verstoppen op een andere meer beschutte plaats.

Vraatplekken van eekhoorns kan je verwarren met "spechtensmidsen". Vooral de grote bonte specht heeft in het bos meerdere van dergelijke plekken rond bomen die geschikt zijn om dennenappels vast te pinnen. Ze duwen de vruchten tussen de schors of takken waarna ze er de zaden gemakkelijk kunnen uitpikken. Onder dergelijke bomen vind je soms honderden verfomfaaide dennenappels. Op vraatplaatsen van eekhoorn zijn de houtige schubben van dennen- en sparrenappels van de spil afgeknaagd om aan de zaadjes te geraken. Schubben, vliesjes en gehalveerde zaaddopjes blijven dan als maaltijdrest achter.

In het najaar vindt men rond notendragende bomen eveneens veel voedselresten van eekhoorn, vooral van hazelaar en notelaar. Ook in dit geval is verwarring met spechten en boomklevers niet uit te sluiten. Om ze vlot open te krijgen, pinnen ze de noot vast tussen de schors van een ruwe boom (zomereik, populier, den, ...) of iets vergelijkbaar. Daardoor vind je vaak een groot aantal geopende noten bijeen onderaan zo'n boom. Maar ook onder bomen met gladde schors vind je ze wel eens. De noten worden opengepikt in de dwarsrichting. Er ontstaat dan een ovale tot driehoekige opening, met aan één zijde vaak een indruk van de snavelpunt. Boomklevers eten doorgaans wat kleinere (hazel)noten dan eekhoorns. De als voedselvoorraad vastgeklemde hazelnoten worden niet altijd onmiddellijk opgegeten, waardoor je tegen stammen ook volle hazelnootjes kan terugvinden. Soms klemmen boomklevers er ook bessen of zaden van taxus bij. Je vindt dus wel eens een heel assortiment aan bosvruchten, maar het vaakst alleen hazelnootjes.

 Spechtensmidse detail    Spechtensmidse van grote bonte specht

Smidse van grote bonte specht.

Knaagsporen aan dennen- en sparrenappels

Aan dennen- en sparrenappels hebben eekhoorns veel werk. Ze beginnen met de schubben aan de basis af te bijten om de zaadjes eronder uit te halen. Hierbij draaien ze de kegel rond en werken zich zo een weg naar de top toe. Aan de kern hangen vaak nog wat franjes - resten van de schubben. Soms spreekt men van links- en rechtshandige eekhoorns, omdat het knaagpatroon op de kern van de dennenappel ofwel langs links ofwel langs rechts naar de top draait. De draairichting hangt af van hoe de eekhoorn de dennen- of sparrenappel vasthoudt (met de top naar links of naar rechts). Niemand heeft echter onderzocht of eenzelfde eekhoorn een appel altijd op dezelfde manier vasthoudt en daadwerkelijk links- of rechtshandig is.

Vraatsporen van eekhoorn aan dennenappels     Vraatsporen van specht aan dennenappels

Vraatsporen aan dennenappels door eekhoorn (links) en grote bonte specht (rechts).

Knaagsporen aan noten

Hazelnoten, walnoten en andere noten zijn bij de eekhoorn fel begeerd. Maar ze zijn niet de enigen met een notenvoorkeur.

De vraatresten van muizen verschillen van deze van de eekhoorn doordat de kernen veel fijner afgeknaagd zijn en er geen franjes meer aanhangen. Ook opengebeten noten zien er anders uit. Bij de eekhoorn zitten de onderkaakshelften niet vast aan elkaar, maar zijn ze verbonden door een ligament. Hierdoor kunnen ze de onderkaken afzonderlijk bewegen en gebruiken als een hefboom om noten open te wrikken. Eekhoorns bijten een noot meestal in één keer in de lengterichting middendoor ofwel bijten ze er in één keer een groot stuk uit. In tegenstelling tot bij de bosmuis en de rosse woelmuis zie je geen tandafdrukken op de breukrand. Enkel aan de top van de hazelnoot is er meestal een vrij grote tandafdruk te zien.

Aangevreten hazelnoten van eekhoorn     Vraatsporen van boomklever

Vraatsporen aan hazelnoten van eekhoorn (links) en boomklever (rechts).

Het onderscheid tussen vraatsporen aan noten van grote bonte specht of boomklever enerzijds en eekhoorn anderzijds is soms moeilijk. Beide kunnen in één hauw een groot stuk uit de hazelnoot hakken en/of de noot doormidden splijten. Je ziet evenwel nooit tandafdrukken bij specht en hetzelfde geldt voor de boomklever. Dus om zekerheid te krijgen dat het om vraatsporen van een eekhoorn gaat, kan je best meerdere hazelnoten bekijken, want dan heb je grotere kans om er minstens eentje met tandafdrukken te vinden. Bij vraatsporen van grote bonte specht of boomklever zie je soms een indruk van de snavelpunt, wat het onderscheid tussen beide vogelsoorten weer moeilijk maakt.

Op de beide foto's hieronder zie je  telkenmale links twee hazelnoten die door een boomklever zijn bewerkt en rechts twee hazelnoten die door een eekhoorn onder handen zijn genomen. Hieruit blijkt dat een eekhoorn soms ook openingen maakt die vergelijkbaar zijn met die van een boomklever. De indrukken van snavelpunt of tanden laten in dit geval toe om het onderscheid te maken. De pijlen duiden de indrukken van snavelpunt (halverwege) en tanden (aan de top) aan.

Aangevreten hazelnoten van eekhoorn en boomklever 1     Aangevreten hazelnoten van eekhoorn en boomklever 2

X